ECLI:NL:RBSGR:2006:AY5015
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vaststelling reëel risico schending artikel 3 EVRM bij terugkeer naar Azerbeidzjan en onrechtmatige herbeoordeling
Verzoekster, van Azerbeidzjaanse nationaliteit, diende in 2000 een asielaanvraag in die in 2001 werd afgewezen. Na bezwaar en beroep oordeelde de rechtbank Zwolle in 2004 dat verzoekster een reëel risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Azerbeidzjan. De rechtbank stelde tevens vast dat een vestigingsalternatief in Armenië niet kan worden tegengeworpen.
Verweerder herbeoordeelde echter het beroep op artikel 3 EVRM Pro en verklaarde het bezwaar in 2005 opnieuw ongegrond, waarna verzoekster opnieuw beroep instelde en een voorlopige voorziening vroeg. De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder geen uitvoering heeft gegeven aan de eerdere uitspraak en ten onrechte het risico op schending van artikel 3 EVRM Pro opnieuw heeft beoordeeld.
De voorzieningenrechter vernietigt het bestreden besluit, draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de eerdere uitspraak, wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en veroordeelt verweerder in de proceskosten. Er is geen gewoon rechtsmiddel tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met opdracht tot nieuw besluit binnen zes weken.