ECLI:NL:RBSGR:2006:AY6051
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil over opheffing executoriale beslagen na ontslag op staande voet
Eiser heeft gedaagde op staande voet ontslagen, waarna de kantonrechter de arbeidsovereenkomst ontbond en een vergoeding aan gedaagde toekende. Tevens werd eiser veroordeeld tot doorbetaling van loon vanaf ontslag tot ontbinding. Gedaagde legde daarop executoriaal beslag op de woning en bankrekening van eiser. Eiser vordert in kort geding primair opheffing van deze beslagen en subsidiair schorsing van de executie van de kantonrechterlijke beschikking.
De voorzieningenrechter overweegt dat de ontbinding van de arbeidsovereenkomst afhankelijk is gesteld van de nietigheid van het ontslag, welke nietigheid gedaagde heeft ingeroepen. Gedaagde beschikt over een executoriale titel en is in beginsel bevoegd daarvan gebruik te maken. Alleen bij misbruik van bevoegdheid, bijvoorbeeld bij een juridische of feitelijke misslag in het vonnis, kan executie worden tegengehouden.
Eiser stelt dat het ontslag op staande voet terecht is gegeven en dat de executie misbruik van procesrecht oplevert, onderbouwd met videobeelden. De voorzieningenrechter oordeelt dat dit een waardering van bewijs betreft die reeds door de kantonrechter is gemaakt en dat eiser de juiste weg had om dit aan te vechten via hoger beroep of bodemprocedure, welke niet is gevolgd. Er is geen sprake van evidente misslagen.
Daarom wordt de vordering afgewezen en wordt eiser veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering tot opheffing executoriale beslagen en schorsing executie beschikking wordt afgewezen.