ECLI:NL:RBSGR:2006:AY8300
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Kuijer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling en onttrekking aan het verkeer van pitbull-terriër-achtige hond
Op 16 februari 2006 werd verdachte door politie aangetroffen met een hond die vermoedelijk tot het pitbull-terriër-type behoorde. De hond werd inbeslaggenomen omdat verdachte geen registratiegegevens kon overleggen. Een deskundige van het ministerie concludeerde dat de hond minimaal 28 van de 33 karakteristieken van het pitbull-terriër-type vertoonde. Verdachte voerde een gedragstest aan waaruit bleek dat de hond niet agressief was, maar de rechter achtte dit onvoldoende om het gevaar van het ras te weerleggen.
De politierechter oordeelde dat het bezit van een pitbull-terriër-achtige hond verboden is op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en de Regeling agressieve dieren. Verdachte werd veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke geldboete van €280 met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd de hond onttrokken aan het verkeer omdat teruggeven zou leiden tot herhaling van het strafbare feit.
De rechter nam mee dat ondanks het ontbreken van agressief gedrag tijdens de test, het onvoorspelbare en gevaarlijke karakter van het ras een onttrekking rechtvaardigt. Verdachte werd niet eerder met justitie geconfronteerd en was zeer aan zijn hond gehecht, wat meewoog in de strafoplegging. De onttrekking aan het verkeer werd geacht proportioneel en subsidiariteitseisen te voldoen, conform artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke geldboete en de pitbull-terriër-achtige hond is onttrokken aan het verkeer.