ECLI:NL:RBSGR:2006:AY8539
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand wegens niet-nakoming medewerkingsplicht WWB
Eiser heeft op 14 juni 2004 bijzondere bijstand aangevraagd voor kosten van eigen bijdrage rechtshulp en griffierecht. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen en de uitkering per 1 juli 2004 beëindigd vanwege het niet tijdig overleggen van bankafschriften.
Eiser voerde aan dat de bankafschriften van de privé bankrekening van zijn advocaat waren en dat hij niet kon beschikken over deze gegevens. De rechtbank oordeelt dat eiser vanaf 1 juli 2004 niet langer in de gemeente van verweerder woonde en dat het recht op bijstand terecht is beëindigd. Daarnaast was eiser verplicht om medewerking te verlenen op grond van artikel 17, tweede lid, WWB.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet tijdig de gevraagde bankafschriften kon overleggen. Door zijn uitkering op de bankrekening van zijn advocaat te laten storten, bracht hij zichzelf in deze situatie. Het feit dat de bankafschriften later alsnog zijn overgelegd, kan het besluit niet aantasten.
De rechtbank handhaaft het besluit van verweerder om het vakantiegeld niet uit te betalen en de aanvraag van bijzondere bijstand af te wijzen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand wordt ongegrond verklaard vanwege niet-nakoming van de medewerkingsplicht.