ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9787
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Quadekker
- Ju
- Bierling
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplichtigheid aan grootschalige oplichting met bankrekeninggebruik
De rechtbank 's-Gravenhage heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken wegens medeplichtigheid aan oplichting. De medeverdachte pleegde gedurende circa acht maanden grootschalige oplichting. Verdachte werkte hieraan mee door haar bankrekening beschikbaar te stellen en een geldtransactie te verzorgen. Hierdoor zijn slachtoffers voor vele tienduizenden euro’s benadeeld.
De rechtbank sprak verdachte vrij van meerdere tenlastegelegde feiten, waaronder oplichting van andere benadeelde partijen, omdat de betrokkenheid onvoldoende was om medeplegen of medeplichtigheid te bewijzen. De bewezenverklaring betrof uitsluitend de medeplichtigheid aan de oplichting van één benadeelde partij.
De rechtbank nam een uittreksel uit het Justitieel Documentatieregister en een voorlichtingsrapport van de Reclassering in aanmerking bij de strafoplegging. De straf is aanzienlijk lager dan de door de officier van justitie gevorderde zeven maanden, vanwege de beperkte bewezenverklaring. De voorlopige hechtenis van verdachte werd opgeheven en zij werd in vrijheid gesteld.
De vorderingen van de benadeelde partijen tot schadevergoeding werden niet toegewezen door de strafrechter; deze partijen kunnen hun vorderingen bij de burgerlijke rechter aanbrengen. De straf is gebaseerd op de artikelen 48 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier weken gevangenisstraf wegens medeplichtigheid aan oplichting.