ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ1554
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.Th. Boerlage
- Rechtspraak.nl
Afwijzing langdurigheidstoeslag en niet-ontvankelijkheid beroep toegestane vakantieperiode WWB
Eiser en zijn echtgenote hebben een aanvraag ingediend voor de langdurigheidstoeslag over 2004 en 2005, welke door verweerder is afgewezen vanwege onvoldoende pogingen tot arbeidsinschakeling in de referteperiode. Tevens werd een maatregel van 20% bijstandskorting opgelegd wegens te laat terugkeren van vakantie in het buitenland.
De rechtbank oordeelt dat de afwijzing van de langdurigheidstoeslag terecht is, omdat de opgelegde maatregel in de referteperiode een belemmering vormt voor het verkrijgen van de toeslag. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die aanleiding geven tot afwijking van dit beleid. Het beroep tegen deze afwijzing wordt ongegrond verklaard.
Ten aanzien van het beroep over de toegestane vakantieperiode stelt de rechtbank vast dat eiser geen belang heeft bij behandeling, omdat het recht op verblijf in het buitenland voor de betreffende periode is verbruikt en hij inmiddels vrijstelling heeft gekregen. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen, omdat de gedeeltelijke tegemoetkoming van verweerder niet heeft geleid tot intrekking van het beroep. De uitspraak kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de langdurigheidstoeslag wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen de vakantieperiode niet-ontvankelijk; het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.