ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ2700
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P.F. Slijpen
- S.C. Stuldreher
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Bloot eigendom bedrijfsterrein levert werkzaamheid op in zin van artikel 3.92 Wet IB 2001
Eiser en zijn broer zijn eigenaar van de blote eigendom van een bedrijfsterrein waarop een economisch genotsrecht is gevestigd ten behoeve van een besloten vennootschap, de B.V. Eiser heeft een middellijk aanmerkelijk belang van 50% in de B.V. en heeft de blote eigendom gefinancierd met vreemd vermogen. Verweerder heeft de aanslag inkomstenbelasting 2001 opgelegd waarbij het resultaat uit de werkzaamheid van het bedrijfsterrein is belast als inkomen uit werk en woning.
Eiser betoogt dat het enkel hebben van bloot eigendom geen werkzaamheid oplevert omdat terbeschikkingstelling een actief handelen vereist, en dat het resultaat daarom onder sparen en beleggen valt. Verweerder stelt dat het bedrijfsterrein feitelijk ter beschikking is gesteld aan de B.V. en dat eiser een aanmerkelijk belang heeft, zodat artikel 3.92 Wet IB 2001 van toepassing is.
De rechtbank oordeelt dat de tekst en wetsgeschiedenis van artikel 3.92 onvoldoende steun bieden voor het standpunt van eiser. De rechtbank volgt de uitleg dat het hebben van bloot eigendom met een genotsrecht dat het gebruik en de opbrengsten aan de B.V. toekent, neerkomt op terbeschikkingstelling in de zin van de wet. Daarom is sprake van een werkzaamheid en moet het resultaat worden belast als inkomen uit werk en woning.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat het hebben van bloot eigendom van een bedrijfsterrein een werkzaamheid is in de zin van artikel 3.92 Wet IB 2001.