ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ3499
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige vrijheidsontneming vreemdeling in Penitentiaire inrichting te Zeist
Eiser, een vreemdeling van Jamaicaanse nationaliteit, werd op 24 oktober 2006 de toegang tot Nederland geweigerd en op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) verplicht zich op te houden in het Aanmeldcentrum Schiphol. Op 2 november 2006 werd de vrijheidsontnemende maatregel voortgezet en werd eiser overgeplaatst naar de Penitentiaire inrichting te Zeist, waarbij de wettelijke grondslag onjuist was vermeld.
De rechtbank oordeelde dat het plaatsingsbesluit van 2 november 2006 onrechtmatig was omdat de maatregel in de beveiligde penitentiaire inrichting diende te zijn gebaseerd op zowel het eerste als tweede lid van artikel 6 Vw Pro, terwijl het besluit slechts het eerste lid vermeldde. Dit was geen loutere kennelijke verschrijving, aangezien de wettelijke grondslag een essentieel onderdeel van het besluit is en niet aan eiser kenbaar was gemaakt dat het tweede lid ook van toepassing was.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, beval de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel met ingang van de uitspraakdatum en kende een schadevergoeding toe van €900,- voor het onrechtmatige verblijf gedurende 20 dagen. Tevens werden proceskosten van €644,- aan de Staat der Nederlanden opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, heft de vrijheidsontnemende maatregel op en kent een schadevergoeding van €900 toe.