ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ5041
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing visum kort verblijf bij lichamelijke en geestelijke handicap
Eiser, een jongere van Chinese nationaliteit met lichamelijke en geestelijke handicaps, vroeg een visum kort verblijf aan om familie in Nederland te bezoeken. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser onvoldoende sociale en economische binding met China kon aantonen en twijfelde aan zijn terugkeer.
De rechtbank oordeelt dat verweerder bij de toepassing van het visumbeleid rekening had moeten houden met bijzondere persoonlijke omstandigheden van eiser. Verweerder had eiser in de gelegenheid moeten stellen deze omstandigheden aan te tonen, bijvoorbeeld door een hoorzitting, hetgeen niet is gebeurd.
Verder concludeert de rechtbank dat het bezwaar niet kennelijk ongegrond was, zodat de hoorplicht van verweerder geschonden is. Het bestreden besluit is daardoor niet deugdelijk gemotiveerd en kan niet in stand blijven.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit en beveelt een nieuw besluit met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en de Staat der Nederlanden wordt aangewezen als rechtspersoon voor vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van het visum wordt vernietigd wegens schending van de hoorplicht en onvoldoende motivering.