ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ5731
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing bovenregionale vervoersvoorziening voor zwaar verstandelijk gehandicapte
Eiseres, een zwaar verstandelijk gehandicapte die verblijft in een AWBZ-instelling, diende een aanvraag in voor een bovenregionale vervoersvoorziening op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg). Verweerder wees deze aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond, stellende dat geen zorgplicht bestond voor bovenregionaal vervoer in haar situatie.
De rechtbank oordeelde dat verweerder ten onrechte aannam dat eiseres niet in een sociaal isolement zou raken zonder de voorziening. Het rapport waarop verweerder zich baseerde was onvoldoende gemotiveerd en berustte grotendeels op een medewerker van de instelling, niet op een medisch deskundige. Bovendien was het contact met haar moeder wezenlijk en het wegvallen daarvan zou kunnen leiden tot vereenzaming.
De rechtbank benadrukte dat de vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) bepaalt dat bovenregionale contacten in uitzonderlijke gevallen onder de zorgplicht vallen, en dat dit bij eiseres het geval is. Ook werd meegewogen dat het redelijkerwijs niet van de moeder van eiseres kan worden verlangd haar te bezoeken vanwege haar eigen invaliditeit.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuwe beslissing te nemen. Eiseres kreeg tevens vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de bovenregionale vervoersvoorziening wordt vernietigd.