ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ6461
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Sleeswijk Visser - de Boer
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige voortduring vreemdelingenbewaring wegens niet-spoedige behandeling beroep
De vreemdeling diende op 8 december 2006 een beroepschrift in tegen de voortzetting van zijn vreemdelingenbewaring. De rechtbank stelde vast dat de behandeling van het beroep pas op 8 januari 2007 plaatsvond, terwijl volgens jurisprudentie van het EHRM de beoordeling binnen ongeveer 21 dagen na indiening van het beroep had moeten plaatsvinden.
De rechtbank oordeelde dat organisatorische vertragingen aan de zijde van de rechtbank niet voor rekening van de vreemdeling komen en dat de termijn voor een spoedige beoordeling was overschreden. Hierdoor was de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel vanaf 2 januari 2007 onrechtmatig.
De bewaring werd op 4 januari 2007 opgeheven. De rechtbank kende daarom een schadevergoeding toe voor twee dagen onrechtmatige bewaring van €140 en veroordeelde de Staat der Nederlanden tot betaling van de proceskosten van €322. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard wegens niet-spoedige beoordeling en schadevergoeding van €140 toegekend voor twee dagen onrechtmatige bewaring.