ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ8695
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie na afwijzing reguliere vergunning
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de afwijzing van hun aanvragen voor verblijfsvergunningen in het kader van medische behandeling en verblijf bij echtgenote. Verweerder had de aanvragen afgewezen omdat Nederland niet het meest aangewezen land zou zijn voor de medische behandeling van eiseres en omdat niet voldaan zou zijn aan de voorwaarden voor een verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie.
De rechtbank oordeelt dat het BMA-advies, waarop verweerder zich baseert, zorgvuldig en objectief is opgesteld en dat Nederland niet het meest aangewezen land is voor de behandeling. Dit deel van het beroep wordt ongegrond verklaard. Echter, de rechtbank vindt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiseres niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie, gezien haar langdurige uitstel van vertrek en medische toestand die reizen onmogelijk maakt.
Daarom wordt het beroep van eiseres gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd voor zover het gaat om de verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie. Ook het beroep van eiser wordt gegrond verklaard vanwege zijn afhankelijke verblijfsvergunning. Verweerder wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen en wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres op verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; het beroep tegen reguliere vergunning wordt ongegrond verklaard.