ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ8861
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking landschapssubsidie wegens niet-landbouwkundig gebruik van gronden
Eiseres, exploitant van diverse percelen grond, stelde beroep in tegen de intrekking van een landschapssubsidie door verweerder. De kern van het geschil betrof de vraag of de gronden waarop de subsidie werd verleend, als landbouwgrond konden worden aangemerkt volgens de Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer.
De rechtbank overwoog dat de Regeling duidelijk stelt dat landbouwgrond geheel landbouwkundig in gebruik moet zijn. Op de gronden was een wandelpark aangelegd en slechts op enkele delen werden biotoopspecifieke plantensoorten vermeerderd, wat onvoldoende is om het gehele perceel als landbouwgrond te kwalificeren. Het bestemmingsplan met de aanduiding 'agrarisch gebied met landschapswaarde' was hiervoor niet doorslaggevend.
Een rapport van de Dienst Landelijk Gebied bevestigde dat delen van de beheerseenheden niet als landbouwgrond konden worden aangemerkt, maar als erf of tuin. De gedeeltelijke herziening van het besluit door verweerder leidde niet tot een andere beoordeling. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de landschapssubsidie wordt ongegrond verklaard.