ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ9980
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen assurantiebelasting wegens borgtochtrelatie tussen Woningborg en eiseres
Eiseres, N.V. Waarborgmaatschappij [X.], betwist de naheffingsaanslag assurantiebelasting opgelegd door de Belastingdienst over het vierde kwartaal van 2004. De kern van het geschil betreft de kwalificatie van de relatie tussen Woningborg en eiseres: is sprake van een verzekeringsovereenkomst of van borgtocht? Eiseres stelt primair dat het om borgtocht gaat, subsidiair dat sprake is van herverzekering, en meer subsidiair dat het vertrouwen is gewekt dat geen assurantiebelasting verschuldigd zou zijn.
De rechtbank stelt vast dat de feiten overeenkomen met eerdere procedures en volgt de jurisprudentie van het gerechtshof en de Hoge Raad. De relatie tussen Woningborg en eiseres wordt gekwalificeerd als borgtocht en niet als verzekeringsovereenkomst, zodat geen assurantiebelasting verschuldigd is. Ook het standpunt van De Nederlandsche Bank verandert dit niet.
Ten aanzien van het subsidiaire beroep op het vertrouwensbeginsel oordeelt de rechtbank dat het vertrouwen door de standpuntwijziging van de Belastingdienst in 1995 is beëindigd en dat een redelijke overgangstermijn is gehanteerd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. De rechtbank legt geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de naheffingsaanslag assurantiebelasting wordt ongegrond verklaard.