ECLI:NL:RBSGR:2007:BA0559
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting vreemdelingenbewaring op detentieboot ondanks overschrijding zes maanden
De vreemdeling verbleef reeds 12 maanden in vreemdelingenbewaring op de Detentieboot Reno. Hij had zijn uitzetting op 18 november 2006 actief gefrustreerd en weigerde mee te werken aan zijn terugkeer naar Irak, zijn land van herkomst. Verweerder stelde dat het belang van uitzetting zwaarder weegt dan het belang van de vreemdeling bij opheffing van de bewaring.
De rechtbank overwoog dat de rechtmatigheid van de bewaring als zodanig reeds was beoordeeld en dat nu alleen de voortzetting van de maatregel aan de orde was. De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat de beoordeling van het regime op de locatie van bewaring niet tot de taak van de bewaringsrechter behoort. De rechtbank verwierp het betoog van de vreemdeling dat het ontbreken van een brief over voortzetting van de bewaring onrechtmatigheid oplevert.
Verweerder had na de uitspraak in Kort Geding alle dossiers beoordeeld en in gevallen van frustratie van uitzetting een informatieve brief gestuurd. Dat de vreemdeling in deze zaak geen brief ontving, leidde niet tot schending van zijn belangen. De rechtbank concludeerde dat de voortzetting van de bewaring gerechtvaardigd was en wees het beroep ongegrond. Er werd geen schadevergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de vreemdelingenbewaring op de Detentieboot Reno wordt ongegrond verklaard.