ECLI:NL:RBSGR:2007:BA0839
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Klein Egelink
- C.G. Peper
- M.E. Snijders
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit onthouding verblijfsvergunning regulier wegens tijdsverloop in asielprocedure
Eiseres, een Iraakse arts van Turkmeense afkomst, diende in 1998 een asielaanvraag in. Haar verzoek om een verblijfsvergunning werd meerdere malen afgewezen, onder meer vanwege tijdsverloop in de asielprocedure en de vermeende betrokkenheid van haar echtgenoot bij gedragingen als bedoeld in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij bij terugkeer naar Irak een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro. Haar beroep op het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen omdat zij geen gelijke gevallen heeft aangetoond. Ook het beroep op humanitaire gronden en het categoriaal beschermingsbeleid wordt afgewezen omdat dit beleid ten tijde van het bestreden besluit was beëindigd.
De rechtbank stelt echter vast dat verweerder ten onrechte de verblijfsvergunning regulier heeft onthouden op grond van artikel 3.77 van het Vreemdelingenbesluit 2000, mede omdat het beroep van haar echtgenoot tegen toepassing van artikel 1F gegrond is verklaard. De rechtbank vernietigt het besluit voor zover het de onthouding van de verblijfsvergunning betreft en draagt verweerder op binnen vier weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom opgelegd voor het niet tijdig nemen van dit besluit.
Uitkomst: Het beroep tegen de onthouding van de verblijfsvergunning regulier wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, met opdracht tot nieuw besluit binnen vier weken.