ECLI:NL:RBSGR:2007:BA3245
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.I.H. Fockens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduring vreemdelingenbewaring bij beperkt zicht op uitzetting van Chinese onderdaan
Eiser, een Chinese onderdaan, is in januari 2007 in vreemdelingenbewaring gesteld wegens onvoldoende zicht op uitzetting. Hij betoogt dat het uitzicht op het verkrijgen van een laissez-passer nihil is, omdat hij geen documenten bezit en de afgifte door Chinese autoriteiten sterk is afgenomen.
Verweerder stelt dat de aanvraag van eiser in behandeling is en dat de Chinese autoriteiten geen beleidswijziging hebben doorgevoerd die afgifte belemmert. De rechtbank analyseert statistieken over aanvragen en afgiftes van laissez-passers in 2005, 2006 en begin 2007, en concludeert dat hoewel het aantal afgegeven laissez-passers gering is, de afgifte niet is gestopt.
De rechtbank weegt het belang van verweerder bij voortzetting van de bewaring zwaarder dan het belang van eiser bij opheffing, mede omdat eiser geen documenten heeft verstrekt of geprobeerd deze te verkrijgen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen voortzetting van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.