ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4410
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening verblijfsvergunning asiel aan etnische Bosniak uit Kosovo na twijfel aan ambtsbericht
Eiser, een etnische Bosniak afkomstig uit Kosovo, diende in 1999 een asielaanvraag in die aanvankelijk werd afgewezen. Na meerdere bezwaar- en beroepsprocedures, waarbij eerdere besluiten van verweerder werden vernietigd, stond de rechtbank voor de vraag of eiser recht had op een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde en onbepaalde tijd.
Verweerder baseerde zich op een ambtsbericht van 2005 waarin werd gesteld dat de situatie van Slavische moslims in Kosovo stabiel is en dat zij geen reëel risico lopen bij terugkeer. Eiser voerde aan dat dit ambtsbericht onvoldoende recht doet aan zijn persoonlijke situatie, onder meer omdat hij geen sociaal vangnet heeft in Kosovo en verwees naar een Background Note van de UNMIK uit 2006 die stelt dat de repatriëring van onbegeleide ouderen zonder sociaal vangnet niet wordt geaccepteerd.
De rechtbank oordeelde dat dit stuk van UNMIK een concreet aanknopingspunt vormt om te twijfelen aan de volledigheid en juistheid van het ambtsbericht, vooral voor de kwetsbare groep waartoe eiser behoort. Gezien de bijzondere omstandigheden en eerdere vernietigingen van besluiten, besloot de rechtbank zelf in de zaak te voorzien en wees de verblijfsvergunningen toe.
Daarnaast veroordeelde de rechtbank verweerder in de proceskosten. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank verleent eiser een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde en onbepaalde tijd wegens twijfel aan de juistheid van het ambtsbericht over Kosovo.