ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4485
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening wegens toepassing buitenschuldcriterium bij verblijfsvergunning Azerbeidzjaanse etnische Armeniërs
Verzoekers, beiden van Azerbeidzjaanse nationaliteit en etnische Armeniërs, hebben een verblijfsvergunning regulier aangevraagd op grond van tijdsverloop in de asielprocedure of verblijf als vreemdeling die buiten zijn schuld niet kan vertrekken. De minister wees deze aanvragen af en verklaarde de bezwaren ongegrond. Verzoekers stelden beroep in en vroegen een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen.
De voorzieningenrechter overwoog dat verzoekers terecht een beroep deden op het buitenschuldcriterium, mede onderbouwd met een eerdere uitspraak van de rechtbank Dordrecht en een terugkeerbericht van de IND waaruit blijkt dat de ambassade van Azerbeidzjan geen laissez-passers verstrekt aan etnische Armeniërs. Hoewel verweerder stelde dat deze gronden te laat werden ingebracht, oordeelde de voorzieningenrechter dat het een nadere onderbouwing betrof van een eerder standpunt.
Gelet op de problematiek rond het verkrijgen van staatsburgerschap voor etnische Armeniërs in Azerbeidzjan en het feit dat verzoekers binnenkort bij de ambassade worden gepresenteerd, concludeerde de voorzieningenrechter dat de bestreden besluiten naar voorlopig oordeel niet standhouden. De voorlopige voorziening werd toegewezen en de kosten en griffierecht werden aan de Staat der Nederlanden opgelegd.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting wordt verboden totdat op het beroep is beslist.