ECLI:NL:RBSGR:2007:BA5290
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsongeschiktheidsklasse onjuist vastgesteld, rechtbank corrigeert restverdiencapaciteit
Eiser ontving aanvankelijk een arbeidsongeschiktheidsuitkering gebaseerd op een mate van 80-100% arbeidsongeschiktheid. Verweerder stelde deze met ingang van 24 februari 2006 vast op 15-25%, waarop eiser bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen van eiser voldoende waren vastgelegd in een functionele mogelijkheden lijst (FML). De arbeidsdeskundige gebruikte het aangepaste Claim Beoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) om functies te duiden die eiser zou kunnen verrichten. Verweerder had echter ten onrechte een gemaximeerde maatman van 38 uur gehanteerd in plaats van de feitelijke 40 uur per week.
Door deze fout was de restverdiencapaciteit van eiser onjuist vastgesteld, wat leidde tot een verkeerde indeling in de arbeidsongeschiktheidsklasse. De rechtbank stelde de arbeidsongeschiktheid daarom vast op 25-35%, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De rechtbank verwierp verder de bezwaren van eiser tegen de functiebeschrijving van de geduide functies, omdat deze waren gebaseerd op objectieve gegevens uit het CBBS en geen concrete aanwijzingen waren geleverd dat de functieomschrijvingen onjuist waren.
Uitkomst: De arbeidsongeschiktheidsklasse wordt vastgesteld op 25-35% en het bestreden besluit wordt vernietigd.