ECLI:NL:RBSGR:2007:BA6118
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag en verblijfsvergunning op grond van ongeloofwaardig asielrelaas en identiteit
Eiser, een Soedanese nationaliteit, heeft een asielaanvraag ingediend op grond van vrees voor vervolging wegens politieke activiteiten. Zijn aanvraag werd afgewezen omdat het asielrelaas niet geloofwaardig werd geacht, mede door het ontbreken van reis- en identiteitsdocumenten en tegenstrijdigheden in zijn verhaal.
De rechtbank liet een taalanalyse uitvoeren door het Bureau Land en Taal (BLT), die concludeerde dat eiser niet afkomstig was uit de opgegeven regio en niet de veronderstelde taal sprak. Eiser overhandigde een contra-expertise die deze bevindingen betwistte, maar een door de rechtbank benoemde deskundige bevestigde de conclusies van het BLT.
De rechtbank oordeelde dat de kritische opmerkingen van eiser onvoldoende waren om de betrouwbaarheid van de taalanalyse te ondermijnen. Op grond hiervan en de beleidsregels kon verweerder het asielrelaas als ongeloofwaardig beschouwen en de verblijfsvergunning weigeren.
Daarnaast werd de aanvraag voor een verblijfsvergunning op grond van het driejarenbeleid afgewezen vanwege ernstige twijfels over de identiteit van eiser. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af wegens ongeloofwaardig asielrelaas en twijfel aan identiteit.