ECLI:NL:RBSGR:2007:BA8354
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- K.M. Braun
- H. Ollermann
- G.J. Ebbeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid naheffingsaanslag omzetbelasting wegens onvoldoende bewijs administratie
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of de naheffingsaanslag omzetbelasting en de opgelegde boete terecht zijn opgelegd aan eiser over de jaren 2002 en 2003. De Belastingdienst voerde omzetcorrecties door naar aanleiding van een boekenonderzoek, waarbij zij stelde dat eiser niet aan zijn administratieve verplichtingen had voldaan. Eiser voerde aan dat de onderneming kleinschalig was, met beperkte openingstijden en dat de administratie, hoewel summier, toereikend was. Tevens betwistte hij de door verweerder aangevoerde afrondingen en stelde dat stortingen verband hielden met leningen, niet met omzet.
De rechtbank constateerde dat verweerder abusievelijk de wijziging van de rechtsvorm van eenmanszaak naar vennootschap onder firma niet had verwerkt en dat de administratie van eiser onvoldoende was onderbouwd. Verweerder had bovendien niet alle relevante stukken overgelegd, waardoor de bewijslast niet was vervuld. De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende feiten en omstandigheden waren die een omkering en verzwaring van de bewijslast rechtvaardigden. Hierdoor viel de grondslag voor de naheffingsaanslag en boetebeschikking weg.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, de naheffingsaanslag en de boetebeschikking en gelastte vergoeding van het griffierecht. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de naheffingsaanslag omzetbelasting en de boetebeschikking wegens onvoldoende bewijs en verklaart het beroep gegrond.