ECLI:NL:RBSGR:2007:BA8820
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Toegangsweigering en onrechtmatige vrijheidsontneming van vreemdeling gegrond verklaard
Verzoeker, een vreemdeling van Oegandese nationaliteit, werd op 24 mei 2006 de toegang tot Nederland geweigerd door een ambtenaar van de Koninklijke Marechaussee. Ondanks deze weigering werd verzoeker feitelijk toegelaten en verbleef hij tot 6 februari 2007 in strafrechtelijke detentie. Vervolgens werd op grond van artikel 6 Vreemdelingenwet Pro 2000 (Vw) een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.
Verzoeker stelde administratief beroep in tegen de toegangsweigering en het besluit tot voortduring van de vrijheidsontnemende maatregel. De rechtbank oordeelde dat de toegangsweigering niet schriftelijk en met de vereiste motivering was genomen, wat een schending van een essentieel vormvoorschrift inhoudt. Hierdoor was de vrijheidsontnemende maatregel onrechtmatig opgelegd, omdat er geen sprake was van een vreemdeling aan wie de toegang was geweigerd.
De voorzieningenrechter besloot verzoeker te behandelen alsof hem de toegang niet was geweigerd en verbood verwijdering totdat op het beroep was beslist. Het beroep werd gegrond verklaard, de vrijheidsontnemende maatregel per 29 maart 2007 opgeheven en een schadevergoeding van €2295 toegekend voor het onrechtmatig verblijf. Tevens werden proceskosten aan verzoeker toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de vrijheidsontnemende maatregel opgeheven en een schadevergoeding toegekend.