ECLI:NL:RBSGR:2007:BA9366
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid bewaring vreemdeling en gebruik covering letter bij uitzetting
Eiser, een vreemdeling van Turkse nationaliteit, is op 3 juni 2007 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf en het belang van openbare orde en nationale veiligheid. Eiser stelde beroep in tegen deze vrijheidsontnemende maatregel en voerde aan dat de bewaring onrechtmatig en disproportioneel was omdat hij direct had kunnen worden uitgezet met een 'covering letter', zoals geregeld in het Verdrag van Chicago.
De rechtbank overwoog dat een 'covering letter' alleen kan worden gebruikt bij uitzetting van vreemdelingen aan wie de toegang tot Nederland is geweigerd bij binnenkomst aan boord van een vaartuig of luchtvaartuig in gebruik bij een vervoersonderneming. In dit geval was niet gesteld of gebleken dat eiser op die wijze Nederland was binnengekomen of dat hem voorafgaand aan de bewaring de toegang was geweigerd.
De rechtbank concludeerde dat verweerder onder deze omstandigheden niet de mogelijkheid had om eiser met een 'removal order' en 'covering letter' uit te zetten. De bewaring was rechtmatig en proportioneel, en het beroep werd ongegrond verklaard. Tevens werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.