ECLI:NL:RBSGR:2007:BB0303
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning wegens ondeugdelijke motivering en handhaving vrijheidsontnemende maatregel
Eiser, een vreemdeling van Burundische nationaliteit, werd op 21 juni 2007 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Hij stelde beroep in tegen zowel de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning als tegen deze maatregel. De rechtbank behandelde tevens een verzoek om voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen.
Eiser voerde aan dat zijn asielverhaal consistent en geloofwaardig was en in overeenstemming met de actuele politieke situatie in Burundi, met name de machtsstrijd binnen de regeringspartij. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met deze recente politieke ontwikkelingen en dat het besluit ondeugdelijk was gemotiveerd. Tevens was het niet aannemelijk dat eiser toerekenbaar documenten ter staving van zijn reisroute had achtergehouden.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen wegens gebrek aan belang. Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten ten bedrage van €966.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard.