ECLI:NL:RBSGR:2007:BB0426
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring minderjarige moeder en kinderen
Eiseres, een vrouw uit Burundi, en haar minderjarige dochters werden op 5 juli 2007 in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De bewaring vond plaats in het politiebureau te Heerlen en later in het uitzetcentrum Zestienhoven te Rotterdam. Tegen deze maatregel werd op dezelfde dag beroep ingesteld, waarbij tevens een verzoek om schadevergoeding werd gedaan.
De bewaring werd op 6 juli 2007 opgeheven na persoonlijke interventie van de Staatssecretaris van Justitie, mede ingegeven door contact van de gemachtigde met een Tweede Kamerlid. Eiseres en haar kinderen werden op 11 juli 2007 overgedragen aan de Belgische autoriteiten. De rechtbank constateert dat de bewaring kennelijk van meet af aan niet geboden was en verklaart het beroep gegrond.
De rechtbank wijst schadevergoeding toe voor de periode van 5 tot 6 juli 2007, gebaseerd op de richtlijn van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak, en stelt deze vast op € 70. Tevens veroordeelt zij de Staat tot vergoeding van de proceskosten ad € 644. De betaling van de schadevergoeding en proceskosten dient via de griffier van de rechtbank te geschieden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en kent een schadevergoeding van € 70 toe wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring.