ECLI:NL:RBSGR:2007:BB0504
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A. Verburg
- H. Ollermann
- J.A. Booij
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende materiële grondslag voor gezagsrelatie consultants en vernietiging correcties en boetes
Eiseres, een advies- en begeleidingsbedrijf, kreeg correctienota's en boetes opgelegd door verweerder wegens vermeende verzekeringsplicht van ingehuurde consultants over de jaren 2000 en 2001. Verweerder baseerde dit op eerdere rapporten en een eerdere beslissing omtrent een specifieke consultant, mevrouw B, die als werknemer werd aangemerkt.
Eiseres betwistte de dienstbetrekking en stelde dat de consultants zelfstandigen zijn, met eigen bedrijfsvoering en meerdere opdrachtgevers. De rechtbank stelde vast dat van de drie vereisten voor een dienstbetrekking – loonbetaling, persoonlijke arbeid en gezag – het gezagscriterium doorslaggevend was en dat het dossier onvoldoende onderbouwing bood voor het aannemen van gezag.
De rechtbank concludeerde dat het besluit in strijd was met artikel 3:2 Awb Pro wegens onvoldoende zorgvuldige voorbereiding en vernietigde het besluit voor zover het betrekking had op 2000 en 2001. Tevens werd verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met een duidelijke motivering en behandeling van alle relevante gronden, inclusief een schadeclaim van eiseres.
Verder werd vastgesteld dat de boetes passend waren indien de verzekeringsplicht terecht zou zijn, maar dat vanwege overschrijding van de redelijke termijn een verlaging van de boetes met ten minste 10% in aanmerking komt. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende materiële grondslag voor gezagsrelatie en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.