ECLI:NL:RBSGR:2007:BB0838
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verblijfsvergunning wegens ontbreken nieuw recht en nieuwe feiten
Verzoeker, van Turkse nationaliteit, heeft meerdere keren een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel ingediend. Na eerdere afwijzingen en rechtszaken, diende hij op 8 juni 2007 een nieuwe aanvraag in met diverse documenten ter onderbouwing van zijn vrees voor terugkeer naar Turkije. Verweerder wees de aanvraag af omdat deze geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatte die een hernieuwde beoordeling rechtvaardigen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de aangevoerde documenten van algemene aard waren en niet specifiek op verzoeker betrekking hadden. Ook de medische stukken en aanvullende verklaringen werden niet als nieuw beschouwd. Verzoeker voerde tevens een beroep op artikelen 15b en 20 van de Richtlijn 2004/83/EG, maar de voorzieningenrechter oordeelde dat deze bepalingen geen nieuw recht vormen in de zin van artikel 4:6 Awb Pro.
De rechtbank concludeerde dat de aanvraag terecht is afgewezen zonder inhoudelijke beoordeling en dat nader onderzoek niet tot een andere uitkomst zou leiden. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde aanvraag verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.