ECLI:NL:RBSGR:2007:BB1814
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens strijd met systematiek Vreemdelingenwet 2000
Eiseres, van Russische nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, welke door verweerder op 12 januari 2006 werd afgewezen. Haar echtgenoot en kinderen hadden reeds verblijfsvergunningen gekregen zonder dat de Russische Federatie als verblijfsalternatief werd tegengeworpen. De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit strijdig is met de systematiek van de Vreemdelingenwet 2000 omdat verweerder impliciet een derde-landenexceptie creëert door te stellen dat het gezinsleven in de Russische Federatie moet worden uitgeoefend.
De rechtbank stelt vast dat eiseres en haar gezin ernstige problemen ondervonden in de Russische Federatie vanwege de etnische afkomst van haar echtgenoot, waaronder mishandelingen en discriminatie. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom terugkeer naar Rusland mogelijk zou zijn, ondanks de geloofwaardigheid van het relaas en ondersteunende algemene ambtsberichten.
Daarnaast is het beroep van eiseres op medische gronden en schending van artikel 3 EVRM Pro beoordeeld aan de hand van een BMA-advies, waaruit blijkt dat zij geen vergevorderde ongeneeslijke ziekte heeft. De rechtbank acht het BMA-advies voldoende betrouwbaar en oordeelt dat verweerder terecht geen verblijfsvergunning op medische gronden heeft toegekend.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens strijd met de systematiek van de Vreemdelingenwet 2000 en schending van het motiveringsvereiste, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.