ECLI:NL:RBSGR:2007:BB2062
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens gezondheidstoestand vreemdeling en gezinslid
Verzoekster, een Kameroense vreemdeling die sinds 1995 in Nederland verblijft, heeft een verzoek ingediend tot toepassing van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, dat uitzetting kan verhinderen indien de gezondheidstoestand van de vreemdeling of diens gezinsleden reizen niet verantwoord maakt. Na een eerdere afwijzing en bezwaar verzocht zij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening die de uitzetting zou uitstellen.
De voorzieningenrechter overwoog dat artikel 64 Vw Pro 2000 niet rechtstreeks toepasbaar is op verzoeksters situatie omdat zij ongewenst is verklaard, maar verweerder volgens het beleid in de Vreemdelingencirculaire 2000 analoge toepassing kan overwegen. Verzoekster stelde dat zowel haar gezondheid als die van haar pasgeboren zoontje, die met haar mee zal reizen, een uitzetting op korte termijn onmogelijk maken.
De rechter constateerde dat verweerder onvoldoende onderzoek had verricht naar de medische situatie, ondanks dat verzoekster medische stukken en toestemmingsverklaringen had overgelegd. Tevens werd overwogen dat artikel 64 Vw Pro 2000 ook kan zien op gezinsleden die niet zelf worden uitgezet, zoals het kind van verzoekster. Daarom werd het verzoek toegewezen en verweerder veroordeeld tot het achterwege laten van uitzetting tot na vier weken na de beslissing op bezwaar, en tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot uitstel van uitzetting toe vanwege de gezondheidstoestand van verzoekster en haar kind en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.