ECLI:NL:RBSGR:2007:BB2373
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning wegens niet betalen leges en ontbreken mvv
Verzoeker, een Kameroense vreemdeling, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier met als doel het ondergaan van een medische behandeling. Deze aanvraag werd primair afgewezen vanwege het niet betalen van de leges en subsidiair wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv).
Verzoeker maakte bezwaar en vroeg de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening te treffen om uitzetting te voorkomen totdat op het bezwaar was beslist. De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder gehouden was de aanvraag buiten behandeling te stellen vanwege het niet betalen van de leges, zoals bepaald in artikel 24, tweede lid van de Vreemdelingenwet 2000. Omdat de leges ook tijdens de zitting niet waren voldaan, zag de voorzieningenrechter geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te wijzen.
De subsidiaire afwijzingsgrond wegens het ontbreken van een mvv werd niet inhoudelijk besproken vanwege het imperatieve karakter van de primaire afwijzing. De voorzieningenrechter wees het verzoek af en zag geen ruimte voor toepassing van artikel 78 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 om op het bezwaar te beslissen zolang de leges niet zijn voldaan.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het niet voldoen van de leges en het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf.