ECLI:NL:RBSGR:2007:BB3526
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning wegens deelname Syrische ambassadebezetting
Eisers hebben een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 28 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, waarbij zij onder meer stelden dat deelname aan de bezetting van de Syrische ambassade in Brussel hen blootstelde aan een reëel risico op vervolging bij terugkeer naar Syrië.
De rechtbank oordeelt dat deze deelname een nieuw feit vormt dat een hernieuwde rechterlijke beoordeling rechtvaardigt. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij door de Syrische autoriteiten is geïdentificeerd en een reëel risico loopt op vervolging. De rechtbank wijst erop dat video-opnames van de bezetting zijn gemaakt en uitgezonden, en dat eiser in België is gedetineerd vanwege deze deelname.
Het continuïteitsvereiste voor het réfugié sur place-beleid wordt door verweerder terecht toegepast, maar dit sluit niet uit dat eiser in aanmerking kan komen voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, van de Vw 2000. De motivering van de afwijzing op dit punt is echter ondeugdelijk, waardoor de rechtbank het besluit vernietigt en verweerder opdraagt een nieuw besluit te nemen.
Daarnaast wordt het beroep van eiseres en minderjarige kinderen gegrond verklaard, en wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten. Het beroep tegen de weigering van een reguliere verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de verblijfsvergunningen en beveelt nieuwe besluitvorming met inachtneming van de uitspraak.