ECLI:NL:RBSGR:2007:BB4065
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bergman
- De Bruijn
- Lips
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs medeplichtigheid mensenhandel
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van medeplichtigheid aan mensenhandel en het gebruik van middelen om iemand tot prostitutie te dwingen.
Tijdens de terechtzittingen op 18 juni en 7 september 2007 werd de verdachte gehoord en bijgestaan door zijn raadsman. De officier van justitie vorderde vrijspraak voor enkele feiten en een gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, voor andere feiten.
De rechtbank oordeelde echter dat het bewijs onvoldoende was om wettig en overtuigend vast te stellen dat verdachte medeplichtig was aan mensenhandel. Ook bleek uit het dossier niet dat verdachte middelen had ingezet om een persoon tot prostitutie te dwingen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Daarnaast werd het bevel tot voorlopige hechtenis op 10 september 2007 opgeheven. De uitspraak werd gedaan in een openbare terechtzitting op 21 september 2007.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplichtigheid aan mensenhandel en gebruik van dwangmiddelen.