ECLI:NL:RBSGR:2007:BB4090
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Verbod op beschuldigingen van corruptie jegens voormalig wethouder en toekenning voorschot schadevergoeding
B, voormalig wethouder van Delft, werd door Leefbaar Delft en S herhaaldelijk beschuldigd van corruptie, ondanks eerdere rechterlijke uitspraken die deze beschuldigingen onrechtmatig verklaarden. Na een uitgebreid intern onderzoek en een beslissing van het Openbaar Ministerie dat niet tot vervolging werd overgegaan, bleven Leefbaar Delft en S de beschuldigingen uiten, onder meer via columns en advertenties.
B vorderde in kort geding een verbod op verdere beschuldigingen en een voorschot op schadevergoeding. De voorzieningenrechter oordeelde dat de uitlatingen onvoldoende feitelijke grondslag hadden en onnodig grievend waren, met name de vergelijking met de gruwelen van nazi-Duitsland. De rechter verbiedt Leefbaar Delft en S om B in het openbaar te beschuldigen van corruptie en legt een dwangsom op bij overtreding.
Daarnaast wordt een voorschot van €1.000 toegekend als tegemoetkoming in materiële en immateriële schade. De reeds geplaatste rectificaties worden als voldoende beschouwd, zodat een verdere veroordeling daartoe wordt afgewezen. Leefbaar Delft en S worden tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Leefbaar Delft en S worden verboden om B te beschuldigen van corruptie en veroordeeld tot betaling van een voorschot op schadevergoeding en proceskosten.