ECLI:NL:RBSGR:2007:BB5143
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Weigering verblijfsvergunning regulier wegens contra-indicatie in asielprocedure
Eiser, een burger van de Democratische Republiek Congo, verzocht om een verblijfsvergunning regulier op grond van tijdsverloop in de asielprocedure (driejarenbeleid). Verweerder weigerde deze vergunning ambtshalve te verlenen vanwege een contra-indicatie: eiser had onjuiste gegevens verstrekt over zijn woonadres, lagere school en werkplaats in Kinshasa, zoals vastgesteld in een individueel ambtsbericht.
Eiser voerde aan dat de onjuistheden veroorzaakt waren door een geheugenstoornis als gevolg van een posttraumatische stressstoornis (PTSS), en dat verweerder ten onrechte geen gebruik had gemaakt van zijn afwijkingsbevoegdheid en de schrijnendheid van zijn situatie onvoldoende had beoordeeld. De rechtbank oordeelde dat de eerdere uitspraak waarin het asielrelaas van eiser als ongeloofwaardig werd beoordeeld, bindend was en dat de psychische problemen van eiser geen reden vormden om de contra-indicatie niet toe te passen.
Verder stelde de rechtbank vast dat verweerder terecht had afgezien van het horen van eiser op grond van artikel 7:3 Awb Pro, omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werden geen proceskosten toegewezen aan partijen.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning regulier wordt ongegrond verklaard.