ECLI:NL:RBSGR:2007:BB5151
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ondeugdelijke motivering
Eiseres, van Bosnische nationaliteit, vroeg op 10 november 2005 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aan. Verweerder wees dit verzoek bij besluit van 23 mei 2006 af, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank 's-Gravenhage.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd waarom artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, van de Vreemdelingenwet 2000 aan eiseres is tegengeworpen. Hierdoor staat niet vast dat de maatstaf van positieve overtuigingskracht bij de beoordeling van het asielrelaas is gehanteerd. Tevens is onvoldoende gemotiveerd dat het asielrelaas ongeloofwaardig is.
De rechtbank overweegt dat verweerder onvoldoende rekening heeft gehouden met de verklaringen van eiseres over bedreigingen en het ontbreken van een binnenlands vluchtalternatief. Ook is het beroep op het gelijkheidsbeginsel onvoldoende gemotiveerd afgewezen. Daarom wordt het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
De rechtbank veroordeelt de Staat in de proceskosten van €644,-, te betalen aan de griffier. Partijen kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Raad van State, Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering.