ECLI:NL:RBSGR:2007:BB5705
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing inbreukvordering octrooi cytoplasmatisch mannelijke steriliteit bij Compositae planten
Enza Zaden Beheer B.V. vordert een grensoverschrijdend inbreukverbod tegen Vilmorin & Cie S.A. en Nickerson Zwaan B.V. wegens vermeende inbreuk op haar Europees octrooi EP 771 523, dat betrekking heeft op cytoplasmatisch mannelijke steriele groenteplanten uit de familie der Compositae en een werkwijze voor het verkrijgen daarvan.
De rechtbank behandelt de technische achtergrond van het octrooi, waaronder het belang van cytoplasmatische mannelijke steriliteit (CMS) voor het voorkomen van zelfbestuiving bij hybride planten en de stabilisatie van deze eigenschap via protoplastenfusie en bestraling. De kern van het geschil betreft de uitleg van het kenmerk "stably expressable cytoplasmic male sterility" en de vraag of de witlofvariëteiten Goldwin F1 en Crenoline-F1 van Vilmorin e.a. hieraan voldoen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de term zodanig moet worden uitgelegd dat genotypische stabiliteit van de CMS-eigenschap voldoende is, zonder dat fenotypische uitdrukking in alle gevallen vereist is. Desondanks acht de rechtbank onvoldoende aannemelijk dat de aangevallen rassen voldoen aan dit kenmerk, mede omdat het bewijs van Enza gebaseerd is op de aanwezigheid van het coxII-gen, waarvan niet is vastgesteld dat het verantwoordelijk is voor CMS.
Verder is onvoldoende bewijs geleverd voor de stelling dat herstelgenen in het kerngenoom de fenotypische afwijkingen verklaren. Gezien deze onzekerheden en het karakter van het kort geding wijst de rechtbank de vorderingen af en veroordeelt Enza in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van Enza worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van inbreuk op het octrooi.