ECLI:NL:RBSGR:2007:BB6437
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning wegens paspoortvereiste bij medische noodsituatie
Eisers, allen van Congolese nationaliteit, vroegen een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan voor medische behandeling en verblijf bij vader tijdens diens behandeling. Verweerder wees deze aanvragen af wegens het ontbreken van een geldig paspoort, zonder voldoende onderzoek te doen naar de mogelijkheid van vrijstelling van het paspoortvereiste.
Het Bureau Medische Advisering stelde vast dat eiser 1 ernstige psychische klachten heeft die niet in Congo behandeld kunnen worden en dat stopzetting van de behandeling een medische noodsituatie veroorzaakt. Volgens het beleid kan vrijstelling van het paspoortvereiste worden verleend als onder meer is aangetoond dat afgifte van een paspoort alleen mogelijk is door persoonlijke terugkeer naar het land van herkomst.
Eiser 1 heeft aangetoond dat via de Congolese ambassade in Brussel geen paspoort kan worden verkregen en dat persoonlijke melding in Congo noodzakelijk is. Verweerder heeft dit aspect onvoldoende betrokken bij zijn beoordeling. De rechtbank oordeelt dat dit leidt tot schending van artikel 3:2 Awb Pro en verklaart het beroep gegrond.
De rechtbank vernietigt de bestreden besluiten en beveelt verweerder nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens worden verweerder veroordeeld in de proceskosten en wordt de Staat aangewezen als de rechtspersoon die deze kosten en het griffierecht vergoedt.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de bestreden besluiten worden vernietigd, met de verplichting voor verweerder om nieuwe besluiten te nemen.