ECLI:NL:RBSGR:2007:BB6550
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor tijdelijk medegebruik aanleginrichtingen Waddeneilanden door Waddentransport
Waddentransport verzocht de Staat om toestemming voor structureel medegebruik van aanleginrichtingen en haventerreinen op Harlingen, Terschelling en Vlieland. Dit verzoek werd afgewezen, waarna Waddentransport een kort geding aanspande. TSM, houdster van het openbare dienstcontract (ODC), voerde aan dat zij het exclusieve recht heeft op het gebruik van deze faciliteiten. De rechtbank oordeelde dat het ODC leidend is voor medegebruik, maar dat TSM geen absoluut alleenrecht heeft zolang het ODC voor Harlingen-Terschelling nog niet volledig is ondertekend.
De Staat moet rekening houden met diverse belangen, waaronder het waarborgen van reguliere veerdiensten. Hoewel de Staat en partijen voortvarend overlegden over restcapaciteit, toezicht en privaatrechtelijke regelingen, waren nog niet alle knelpunten opgelost. De rechtbank vond daarom geen grond voor toewijzing van het primair gevorderde structurele medegebruik.
Wel werd Waddentransport toegestaan om de aanleginrichtingen te gebruiken van 21 tot en met 24 oktober 2007 voor het vervoer van kermismaterieel, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit bijlage 5 van het ODC en nadere voorwaarden van de Staat. Een verbod op het gebruik door het vrachtschip Noord Nederland werd afgewezen vanwege het belang van bevoorrading. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Waddentransport krijgt toestemming voor tijdelijk medegebruik van aanleginrichtingen van 21 tot 24 oktober 2007 onder voorwaarden.