ECLI:NL:RBSGR:2007:BB9323
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing of vermindering van dwangsommen in verblijfsvergunningzaken
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde een zaak waarin de Staat der Nederlanden (Ministerie van Justitie) verzocht om opheffing of vermindering van dwangsommen die waren opgelegd wegens het niet tijdig nemen van besluiten op aanvragen en bezwaarschriften voor verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde tijd.
De rechtbank had eerder bepaald dat binnen vier weken een besluit moest worden genomen, op straffe van een dwangsom. Verzoeker stelde dat het niet mogelijk was binnen die termijn een besluit te nemen omdat eerst een voornemen moest worden uitgebracht en de zienswijze van verweerders moest worden afgewacht. Verzoeker stelde dat hiermee redelijkerwijs was voldaan aan de opdracht en verzocht subsidiair om vermindering van de dwangsom voor de periode van het afwachten van de zienswijze.
De rechtbank oordeelde dat het uitbrengen van een voornemen geen besluit is en dat de dwangsom als prikkel zijn werking niet had verloren. Verzoeker had meer inspanning moeten tonen om het besluitvormingsproces te bespoedigen. Ook had verzoeker rechtsmiddelen kunnen instellen of om opschorting van de dwangsom kunnen vragen. De rechtbank concludeerde dat er geen sprake was van een onmogelijkheid om aan de hoofdveroordeling te voldoen en wees het verzoek af.
Daarnaast werd verzoeker veroordeeld in de proceskosten van €322,-. De uitspraak werd gedaan door rechter J.I. de Vreese-Rood op 19 september 2007.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot opheffing of vermindering van dwangsommen af en veroordeelt verzoeker in de proceskosten.