ECLI:NL:RBSGR:2007:BB9897
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WOZ-beschikking wegens onvoldoende objectafbakening bij woning
De zaak betreft een beroep tegen de WOZ-beschikking en de daarbij behorende aanslag onroerende-zaakbelasting 2005 voor een woning gelegen aan een adres in gemeente P. De waarde van de woning was vastgesteld op €150.375, maar eiseres betwistte deze waarde en stelde dat de woning zwaar vervallen is en oorspronkelijk een bijhuisje was bij een naastgelegen boerderij. Tevens was onduidelijk welke grond precies bij de woning hoorde.
Verweerder handhaafde de beschikking, onderbouwd met een taxatierapport waarin de woning werd gewaardeerd op €100.000 en een grondoppervlakte van 160 m² werd toegekend. De rechtbank oordeelde echter dat de afbakening van het object onvoldoende duidelijk was. Er was onvoldoende bewijs dat het toegewezen grondoppervlak daadwerkelijk bij de woning hoorde, mede omdat de woning alleen via het erf van de boerderij bereikbaar is en onduidelijk was of er een erfdienstbaarheid bestond.
De rechtbank stelde vast dat het niet duidelijk was of de woning als zelfstandig object moest worden aangemerkt of als onderdeel van de boerderij. Ook waren de grenzen van een deel van het perceel onduidelijk. Gezien deze onzekerheden vernietigde de rechtbank de uitspraak op bezwaar en herroept zij de beschikking en aanslag voor zover deze betrekking hebben op de woning. De zaak kan worden herbeoordeeld met een nieuwe beschikking. De rechtbank wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: De WOZ-uitspraak en aanslag worden vernietigd en herroepen vanwege onvoldoende duidelijke objectafbakening.