ECLI:NL:RBSGR:2007:BC1935
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Vink
- S.C. Stuldreher
- J. Bandell-Hauptová
- Rechtspraak.nl
Niet-verenigbaarheid van naheffingsaanslag loonbelasting op buitenlandse sportgezelschappen met artikel 49 EG-Verdrag
Eiseres, een Nederlandse betaald voetbalorganisatie, had in 2002 een overeenkomst gesloten met een Brits betaald voetbalgezelschap voor een vriendschappelijke wedstrijd. Eiseres betaalde €133.000 aan het Britse gezelschap zonder loonbelasting in te houden of af te dragen. De Belastingdienst legde daarop een naheffingsaanslag loonbelasting op.
De rechtbank beoordeelde of deze naheffingsaanslag verenigbaar was met artikel 49 van Pro het EG-Verdrag, dat beperkingen op het vrij verrichten van diensten binnen de EU verbiedt. De rechtbank stelde vast dat de regeling die inhoudt dat de dienstontvanger loonbelasting moet inhouden en afdragen aan buitenlandse gezelschappen, een belemmering vormt voor het vrije dienstenverkeer.
Hoewel de regeling een algemeen belang dient, namelijk het waarborgen van effectieve belastinginning, oordeelde de rechtbank dat de regeling niet proportioneel is. De Nederlandse belastingdienst had immers op grond van EU-richtlijn 2001/44 de mogelijkheid om informatie en invorderingshulp te verkrijgen van de Britse autoriteiten. Hierdoor is de regeling niet het passende middel om belastinginning te waarborgen.
De rechtbank vernietigde daarom de naheffingsaanslag en de uitspraak op bezwaar en veroordeelde de Staat in de proceskosten van eiseres. Deze uitspraak onderstreept de noodzaak dat nationale belastingmaatregelen in overeenstemming moeten zijn met het vrije dienstenverkeer binnen de EU.
Uitkomst: De naheffingsaanslag loonbelasting is vernietigd wegens strijd met artikel 49 van het EG-Verdrag.