ECLI:NL:RBSGR:2007:BC2386
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag en verzuimboete motorrijtuigenbelasting bij gebruik geschorste auto
Eiser, houder van een auto die op 17 oktober 2005 door een huisgenoot werd gebruikt, kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een verzuimboete opgelegd omdat de auto tijdens een geldende schorsing op de openbare weg werd gebruikt.
De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd op grond van artikel 35 van Pro de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994, ondanks dat de feitelijke bestuurder niet eiser was. Eiser had als houder de verplichting om maatregelen te nemen om ongeoorloofd gebruik te voorkomen, wat niet aannemelijk is gemaakt.
Ook de verzuimboete is passend en geboden gelet op het feit dat de belasting niet tijdig is betaald en eiser geen omstandigheden heeft aangevoerd die de boete disproportioneel maken. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag en verzuimboete motorrijtuigenbelasting wordt ongegrond verklaard.