ECLI:NL:RBSGR:2007:BC3304
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering verlenging verblijfsvergunning medische noodsituatie wegens onvoldoende medisch onderzoek
Verzoekers, een gezin van Azerbeidzjaanse nationaliteit, hadden een verblijfsvergunning vanwege een medische noodsituatie. Na afwijzing van hun verlengingsaanvragen en ongegrondverklaring van bezwaar, stelden zij beroep in tegen deze besluiten. De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte door een brief van Mediant met nieuwe medische informatie niet aan het Bureau Medisch Advisering (BMA) voor te leggen voor nader advies.
De medische situatie van verzoeker omvatte ernstige psychiatrische klachten zoals PTSS, paranoïde wanen en suïcidale gedachten, waarvoor behandeling in Azerbeidzjan volgens behandelaars niet mogelijk was vanwege de onveilige omgeving. Het BMA had eerder geconcludeerd dat behandeling in het land van herkomst mogelijk was, maar was niet geïnformeerd over de nieuwe brief van 24 augustus 2007.
De voorzieningenrechter stelde dat verweerder als leek op medisch gebied verplicht was deze nieuwe informatie aan het BMA voor te leggen. Door dit na te laten was het bestreden besluit onzorgvuldig en in strijd met artikel 3:2 Awb Pro. De beroepen van verzoeker, verzoekster en de kinderen werden gegrond verklaard, de besluiten vernietigd en verweerder opgedragen nieuwe besluiten te nemen. Verzoeken om voorlopige voorziening werden afgewezen. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de weigering tot verlenging van de verblijfsvergunningen en beveelt nieuwe zorgvuldige besluitvorming.