ECLI:NL:RBSGR:2007:BC8258
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering ongeloofwaardigheid
Eisers, drie Colombiaanse asielzoekers, dienden afzonderlijke aanvragen in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie wees deze aanvragen af vanwege een oordeel dat het asielrelaas ongeloofwaardig zou zijn, gebaseerd op vermeende tegenstrijdigheden en het gebruik van vluchtelingenpakketten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het relaas ongeloofwaardig zou zijn. Verweerder baseerde zijn oordeel uitsluitend op tegenstrijdige verklaringen en de aard van de overgelegde stukken, zonder deze op echtheid te onderzoeken. Bovendien was de koppeling met de neven van eisers niet onderbouwd, mede omdat dossiers van deze neven ontbraken.
De rechtbank stelde vast dat eisers originele documenten overgelegd hadden en dat verweerder niet had onderzocht wat de overtuigende kracht daarvan was. Hierdoor waren de besluiten ondeugdelijk gemotiveerd en in strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 Awb. De beroepen werden gegrond verklaard, de besluiten vernietigd en verweerder opgedragen nieuwe besluiten te nemen binnen zes weken. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzende besluiten en draagt op tot nieuwe besluitvorming binnen zes weken.