ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9337
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde nieuwbouwwoning op basis van vergelijkingsmethode en waardestijging
De zaak betreft een geschil over de vastgestelde WOZ-waarde van een nieuwbouwwoning per 1 januari 2006. Eiser betwist de waarde van € 501.000 en stelt een lagere waarde van € 460.000 voor, gebaseerd op de vrij op naam prijs uit 2003 en een andere waarderingsmethode.
Verweerder heeft een taxatierapport overgelegd waarin de waarde van de woning is vastgesteld op € 494.000, gebaseerd op vergelijkingsobjecten met verkoopprijzen uit 2006 en een berekende waardestijging. De rechtbank acht deze vergelijkingsobjecten bruikbaar ondanks dat de transactiedata na de waardepeildatum liggen, omdat er geen betere gegevens beschikbaar zijn en de verschillen tussen de objecten adequaat zijn verwerkt.
De rechtbank oordeelt dat de waardestijging tussen de waardepeildatum en de transactiedata op inzichtelijke wijze is onderbouwd met een marktanalyse. De afwijking tussen de getaxeerde waarde en de verkoopprijzen van vergelijkingsobjecten valt binnen de wettelijk toegestane marge. De door eiser aangevoerde argumenten, waaronder de vrij op naam prijs en omgevingsfactoren, overtuigen de rechtbank niet.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigt zij de vastgestelde WOZ-waarde. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van € 501.000 is ongegrond verklaard en de waarde bevestigd.