ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9988
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling redelijkheid van geaccordeerde waarderingskosten Wet WOZ door Waarderingskamer
Het College van Burgemeester en Wethouders van Nieuwerkerk aan den IJssel heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Waarderingskamer waarin waarderingskosten over de jaren 1999 tot en met 2002 zijn geaccordeerd tot een bedrag van €1.269.764,75. De gemeente stelde dat de gehanteerde systematiek onvoldoende rekening hield met gemeentespecifieke omstandigheden en dat het besluit in strijd was met het vertrouwensbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat de Waarderingskamer een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het vaststellen van de redelijkheid van de waarderingskosten. De gehanteerde systematiek, waarbij de kosten worden vergeleken met die van acht vergelijkbare gemeenten en een opslag van 25% wordt toegepast, vormt een redelijk uitgangspunt. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een afwijking van deze systematiek rechtvaardigden.
De rechtbank concludeerde dat de Waarderingskamer terecht het bedrag van €1.269.764,75 heeft geaccordeerd en dat de extra door de gemeente opgevoerde kosten niet binnen de redelijke kosten vielen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente tegen het besluit van de Waarderingskamer is ongegrond verklaard en het geaccordeerde bedrag van €1.269.764,75 is bevestigd.