ECLI:NL:RBSGR:2007:BD1838
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering Veem tegen Staat wegens niet-aansprakelijkheid voor toezicht op zoutslakken
Veem & Factor Eemshaven B.V. vordert van de Staat een schadevergoeding van €373.961,41 wegens vermeende nalatigheid bij het toezicht en de controle op de overbrenging van zoutslakken, gebaseerd op de EVOA-verordening. Veem stelt dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld door niet handhavend op te treden tegen FHS Aluminiumsmelterij B.V., waardoor zoutslakken in opslag zijn blijven liggen.
De Staat voert verweer met onder meer een beroep op de formele rechtskracht van een besluit van de Staatssecretaris van VROM dat handhavingsmaatregelen afwees. De rechtbank oordeelt dat dit besluit onherroepelijk is en dat de Staat niet verplicht was om zelf de zoutslakken te verwijderen. Daarnaast is de Staat niet aansprakelijk voor een rechterlijke fout van de bestuursrechter, noch voor een gekwalificeerde schending van het gemeenschapsrecht.
Veem's subsidiaire vordering op grond van ongerechtvaardigde verrijking wordt eveneens afgewezen, omdat er geen waarborgsom maar een inmiddels vervallen bankgarantie was. De rechtbank wijst de vordering af, veroordeelt Veem in de proceskosten en verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Veem af en veroordeelt haar in de proceskosten.