ECLI:NL:RBSGR:2007:BQ0916

Rechtbank 's-Gravenhage

Datum uitspraak
2 augustus 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
571434 06-6715
Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 477 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

ABN AMRO Bank gerechtigd redelijke kosten derdenbeslag tot €100 in mindering te brengen

In deze civiele procedure tussen Eneco Mixed Holding Consumenten B.V. en ABN AMRO Bank N.V. stond de vraag centraal of ABN gerechtigd is om kosten die zij maakt bij derdenbeslag op het saldo van haar cliënten in mindering te brengen op het bedrag dat zij aan de deurwaarder moet afdragen. ABN stelde aanzienlijke kosten te maken, maar kon deze niet met voldoende schriftelijk bewijs onderbouwen, zoals een accountantscontrole.

De kantonrechter concludeerde dat ABN niet voldeed aan de bewijsopdracht om de werkelijk gemaakte kosten aannemelijk te maken. Desondanks achtte de rechtbank op basis van de stukken en niet betwiste werkzaamheden dat er wel degelijk aanzienlijke kosten zijn verbonden aan het afhandelen van derdenbeslagen.

Omdat de exacte hoogte van de kosten en de tijdsbesteding per beslag niet vast te stellen waren, werd de redelijke hoogte van de kosten vastgesteld op €100 exclusief btw per gelegd derdenbeslag. De vordering van Eneco om deze kosten niet in mindering te brengen werd afgewezen, en ABN kreeg het recht deze kosten in mindering te brengen. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: ABN AMRO Bank mag redelijke kosten tot €100 exclusief btw in mindering brengen op het bedrag dat aan de deurwaarder moet worden afgedragen bij derdenbeslag.

Uitspraak

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE
Sector kanton - locatie 's-Gravenhage
Vonnis in de zaak van:
1. de besloten vennootschap
Eneco Mixed Holding Consumenten B.V.,
gevestigd te Rotterdam
2. de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Haaglanden,
gevestigd te 's-Gravenhage,
eiseressen in conventie,
verweersters in reconventie,
gemachtigde: deurwaarderskantoor Harten & Partners,
tegen
de naamloze vennootschap
ABN AMRO Bank N.V.,
gevestigde te Amsterdam,
mede kantoorhoudende te Den Haag,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
gemachtigde: mr. T.T. van Zanten.
Partijen worden hierna aangeduid als 'Eneco c.s.' en 'ABN'.
De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:
- het tussen partijen gewezen vonnis van 8 maart 2007;
- de akte na tussenvonnis van ABN, met bijlagen;
- de antwoord akte na tussenvonnis van Eneco c.s..
RECHTSOVERWEGINGEN
In conventie en in reconventie
1. De kantonrechter houdt zich aan hetgeen in voormeld tussenvonnis is overwogen en beslist.
2. Bij vonnis van 8 maart 2007 is ABN in de gelegenheid gesteld om de door haar gestelde:
- kosten voor "behandeling derdenbeslag credit" ad € 1.179.730;
- het aantal van 29fte's dat zich bezighoudt met derdenbeslagen; en
- de behandeltijd van "derdenbeslag credit" van 1 uur en 53 minuten c.q. 1 uur en 38 minuten, nader te onderbouwen door het overleggen van schriftelijk bewijs.
3. Bij akte heeft ABN een in haar opdracht opgesteld rapport van Ernst & Young Accountants van 27 april 2007 in het geding gebracht.
4. Uit het door Ernst & Young opgestelde rapport blijkt dat geen accountantscontrole is verricht en dat evenmin een beoordelingsopdracht is uitgevoerd. Een en ander impliceert, aldus Ernst en Young dat "aan onze rapportage geen zekerheid kan worden ontleend omtrent de getrouwheid van de door ABN AMRO opgestelde kostprijsberekening en toelichting bij deze berekening." Verder meldt Ernst & Young dat de totstandkoming van de kostprijsberekening is beoordeeld op grond van de aan haar ter beschikking gestelde gegevens en ontvangen informatie.
5. Naar het oordeel van de kantonrechter is ABN door het in het geding brengen van voormeld rapport niet geslaagd in de aan haar gegeven bewijsopdracht.
6. De vraag is wat de gevolgen hiervan zijn, in het licht van het oordeel van de kantonrechter dat ABN de werkelijk gemaakte kosten voor de afhandeling van het derdenbeslag op het saldo van haar cliënten in mindering mag brengen.
7. Op grond van de door ABN in het geding gebrachte stukken, acht de kantonrechter voldoende aangetoond dat met de afhandelingen van credit derdenbeslagen aanzienlijke kosten zijn gemoeid. ABN stelt bij akte na tussenvonnis dat de kosten die de bank gemiddeld voor een willekeurig beslag maakt € 124,27 bedragen. Voorts geeft zij aan dat zij aanmerkelijk minder kosten in rekening brengt, dan zij maakt voor de afhandeling van de gelegde beslagen.
8. Nu niet kan worden vastgesteld wat de hoogte is van de werkelijk gemaakte kosten van de gelegde credit derdenbeslagen en evenmin is vast te stellen wat de tijdsbesteding is per gelegd beslag, zal de hoogte van deze kosten in redelijkheid moeten worden vastgesteld. Gelet op de door ABN bij antwoord overgelegde lijst van werkzaamheden ten behoeve van credit derdenbeslagen, die door Eneco c.s. niet is betwist, acht de kantonrechter het door ABN in rekening tarief van € 100,- ex btw per gelegd credit derdenbeslag redelijk.
9. Uit het voorgaande volgt dat de conventionele vordering van Eneco c.s. dient te worden afgewezen, met veroordeling van Eneco c.s. als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van deze procedure.
10. De in reconventie gevraagde verklaring voor recht is toewijsbaar, met dien verstande dat de redelijke kosten die in mindering worden gebracht op het bedrag dat aan de deurwaarder moet worden afgedragen worden vastgesteld op een bedrag van € 100,- ex. btw.
11. Eneco c.s. zullen in reconventie als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.
BESLISSING
De kantonrechter:
in conventie
wijst de vorderingen af;
in reconventie
verklaart voor recht dat ABN in geval van een ten laste van haar cliënt onder haar gelegd derdenbeslag gerechtigd is de door haar als gevolg van het beslag gemaakte redelijke kosten tot een bedrag van € 100,- ex btw in mindering te brengen op het bedrag dat zij ingevolge artikel 477 Rv Pro aan de deurwaarder dient af te dragen;
in conventie en in reconventie
veroordeelt Eneco c.s. in de kosten van deze procedure, tot hiertoe aan de zijde van ABN vastgesteld op € , waarvan € als vergoeding voor het salaris van de gemachtigde;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.C.M. Höppener en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 augustus 2007 in tegenwoordigheid van de griffier.