ECLI:NL:RBSGR:2008:BC1892
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten vreemdelingenzaken wegens onvoldoende motivering risico schending artikel 3 EVRM
Eisers, etnisch Armeniërs afkomstig uit Azerbeidzjan, vroegen in 2002 asiel aan in Nederland. Hun eerste vrouw en kind werden in 1990 vermoord tijdens etnische onlusten in Baku, waarna zij Azerbeidzjan verlieten. Verweerder wees hun aanvragen af op grond van het niet voldoen aan de voorwaarden voor een verblijfsvergunning op de b-grond en het ontbreken van een concreet risico op schending van artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank stelt vast dat het asielrelaas deels ongeloofwaardig is, met name het verblijf in voormalige Sovjetrepublieken tussen 1990 en 2002. Wel is geloofwaardig dat eisers vanwege hun etnische afkomst en de moord op familieleden Azerbeidzjan verlieten. Verweerder erkent een landgebonden beleid voor etnisch Armeniërs die tussen 1988 en 1992 vertrokken, waarbij een toekomstig risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bestaat.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het risico op een schending van artikel 3 EVRM Pro niet aannemelijk is, mede gelet op het arrest Salah Sheekh en de bijzondere positie van de eisers. De besluiten worden vernietigd en verweerder wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzende besluiten en draagt verweerder op nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de uitspraak.